“Altijd in dichtste mist op wacht”

Bron: Het Belang van Limburg
22 maart 2004

“Wie eet hier al mijn keukskes op?”  Mama Leen hoort het  snelle gefriemel van kinderhanden in de koekjesdoos vlakbij op tafel.  “Ikke”,  zegt Ellen (7).”  “OK, ééntje!”  In alle stilte verdwijnt de kleine  meid met vijf.”  Hoeveel heb je er?”  Het meisje slaat de ogen naar de  grond: “Té veel.”  Zij legt er vier terug, neemt toch nog snel ééntje extra  mee.”  Mettertijd betert dat”, fluistert Leen, hier en nu bewezen door  Wannes (10) die één koekje knabbelt, zijn mama intussen een lieve tik op de  schouders gevend.  Leen Opstyn, 40, is sinds 1987 blind.  Sindsdien is ze  getrouwd en bracht ze vijf kinderen op de wereld.

Blinde Leen Opstyn is moeder van vijf kleine kinderen

REKEM-LANAKEN

Ze vraagt mij om koffie in te schenken.  “Bij een thermoskan hoor ik hoe ver die  gevuld is, maar bij een tas lukt dat niet.  Dan zit u na één slokje misschien al  zónder.”

Ze lacht.  Een blije vrouw.

Ooit was dat anders, toen ze op de Normaalschool met de neus op de feiten werd  gedrukt.  “Op één trimester ging mijn zicht heel fel achteruit.”  Het meisje dat  voor kleuteronderwijzeres studeerde, leed aan RP (retinitis pigmentosa), een  aftakeling van het netvlies.  Kort nadien zag zij alleen nog onderscheid tussen  licht en donker.  Beterschap werd uitgesloten.

Leen: “Het is niet zwart of wit wat ik zie, het lijkt alsof ik constant in de  dichtste mist loop, zicht nul centimeter.”

“De dokter raadde mij aan om voor een andere opleiding te kiezen.  Maar daar had  ik geen boodschap aan.  Twee mislukkingen na mekaar: dat was te veel gevraagd.  Als de nood hoog was, lazen kotgenoten mij voor en spraken familieleden de  lessen in op cassettes.  Als ik die mensen niet had gehad, zou ik niet staan waar  ik nu sta.”

“Werk vinden, was uitgesloten.  Als vrijwilligster wel ja, maar als het erop aan  kwam te betalen, viel altijd het woord verantwoordelijkheid.  Honderd keren ben  ik zo met met mijn hoofd tegen een muur gelopen, met hysterische huilbuien vaak  en onvrede met iedereen.  Maar om met mijn lot een beetje verzoend te geraken,  moést ik dat proces doormaken.”

Begeleider

Leen leerde Peter kennen, zoon van blinde ouders en broer van een blinde  zus.  Hij begeleidde een andere slechtziende.  “Hoe ik zonder hem te zien verliefd  kon worden?  Om wat het woord zelf in zich draagt tiens: liefde.  Als meisje al  zocht ik bij een man naar een natuurlijk voorkomen en een sympathiek gezicht.  Dat was een mooie man voor mij.”

 

“Peter kon niet inschatten hoe moeilijk het met mij wel zou worden.  Alles wat ik  zo mooi had gepland, was al lang opgeblazen.  En vooral: ik moest mijn tempo  indijken.  Maar als je 26 bent, heb je geen zin om op pensioen te gaan.  Het was  dikwijls bewolkt, het heeft zwaar gestormd maar toch hebben we het overleefd.  En  we kregen vijf kinderen.  De enige van mijn jeugdwensen die ik waar heb kunnen  maken.”

Tien jaar geleden werd Wannes geboren.

Leen: “Hij trok de stop uit het babybadje en dan liep de woonkamer onder.  IJzerdruppeltjes kwamen in zijn oogjes terecht; zijn fruitpapke liep in vegen en  brokjes over zijn hele gezichtje en door zijn haren.  Ik heb hem eindeloos moeten  wassen.  Hij blinkt nóg.”

 

“Later vond ik de koelkast open, de ketel erwtensoep op de grond met een lepel  erbij, terwijl Iris (de geleidehond) bezig was de sporen weg te vegen.  Wannes  zat op de piano.”

Lijst

“Niéts is makkelijk.  En voor mij het moeilijkste is wat voor jou het  eenvoudigste lijkt: bijvoorbeeld de kinderen in hun kleren helpen.  En het dan  meemaken dat twee minuten voor je naar school vertrekt, een veter uit een schoen  is geraakt.  Begin maar te zoeken dan!  En zo gebeurt het dat Kobe vertrekt met  een bruine en een blauwe veter.”

 

Een paar dagen geleden had kleine Kobe koorts.

De temperatuur meten?

Leen: “Moet ik aan papa overlaten.  Je hebt wel digitale thermometers die  ‘het’ zeggen maar het is een heel geklungel om die in dat poepke te krijgen.”

 

Een lepel hoestsiroop geven?  “Doe ik zelf.  Dat zijn hier al kluchten geweest.  Maar wat als het kind intussen iets in zijn mondje steekt?”

Zulke situaties leiden ertoe dat mama constant vlakbij de kleinsten blijft.  “Het  lichamelijk contact is het enige middel om op veilig te spelen.”

‘Geestelijk’ geldt hetzelfde.  “Er zijn enorm veel dingen die je moet  onthouden.  Kobe die thuiskomt met een in te vullen briefje voor de Vredeseilanden; Wannes  die een zwarte stylo moet meebrengen.  Papa zal daar straks voor zorgen”, moet ik  altijd zeggen.  Dan: de sportschoenen van Ellen die te klein zijn.  Dat is een  hele onderneming.  Hoelang nijpen die al?  Een paar maanden mama.  Wat is uw maat?   Weet ik niet Kijk dan!”

“Wannes moet die avond naar de muziekles, Sofietje naar de dictie.  Niet te doen  soms wat Peter allemaal voorgeschoteld krijgt.  En dan gebeurt het ja dat Wannes  op de vingers wordt getikt omdat hij zijn zwarte stylo vergeten is.  Door de  schuld van mama.  En mannen blijven mannen nietwaar?  (lachje) Maar ik neem dat  Peter niet kwalijk.  Hij is ook maar een mens van vlees en bloed.”

Hulp

Kuisen en koken doet Leen zelf.  “De afwerking in de keuken is voor Peter.  Een worstje zou anders aan de ene kant zwart en aan de andere kant soms maar  half gebakken zijn.”

 

Belangrijke handicap aan het fornuis (met brailletekens op de knoppen): “Die  lieve kindjes die altijd willen helpen.”  Bijvoorbeeld die keer dat Bavo de pas  gekookte macaroni rijkelijk met eieren (schalen inbegrepen) mengde terwijl mama  de tafel dekte.

Heel gevaarlijk voor een blinde: “Als je denkt dat iets automatisch loopt, dan  loopt het automatisch fout.”  Zoals toen Leen spaghetti had gekookt en het  restwater bij de saus goot.  “Die avond hebben we tomatensoep gegeten.”

Gaan winkelen, is moeilijk.  “Ga in een warenhuis maar ‘ns naar de afdeling  koekjes.  Alles moet ik vragen.  En daar krijg ik het van.  Bij de slager moet je  een nummer trekken.  Ik kan tegen onze Iris wel zeggen kassa, kassa, maar  nummertje verstaat zij niet.”

Leen moet dan nodeloos lang wachten.  “Mensen denken er niet aan mij een  nummertje te geven want zelf heel haastig bezig.”

Was

Omdat gekleurde stoffen donkerder zijn, kan Leen de witte was onderscheiden.  Jeans herkent ze ook.  “Maar met die delicate witte stofjes weet ik het niet.”

 

Dan speelt ze op zeker: “Ik was op 30 graden, een wolprogramma.  Met het gevolg  dat er af en toe een vlek blijft.  Dan geef ik volgende keer een extra voorwas.”

Sokken van dezelfde kleur samensteken, de was aan de lijn hangen: “Allemaal  pijnlijke affaires.  Omdat het zo vreselijk geconcentreerd moet, omdat alles in  een vertraagde film verloopt, omdat je intussen altijd, in die erwtensoep-dikke  mist, op wacht moet staan voor wat de kinderen kan overkomen.”

Leen Opstyn wil dat blijven doen.

“Ik heb het verleden achter mij gelaten.  Het is niet meer dan een fotoalbum waar  ik af en toe nog door blader.  We putten uit positieve dingen en leren uit  mislukkingen.  Ik wil niet als een gefrustreerde vrouw door het leven gaan.  Ik  wil mijn kinderen energie geven door enthousiast te zijn, hen stimuleren met  mijn doorzettingsvermogen.  Ze mogen later niet verbitterd zijn en zeggen ons  mama was ocharme een sukkel.”

Streken

“Het is hier een echt chiroheem”, zegt Leen over de huiskamer.  De woonkamer  hangt vol met kindertekeningen.  En op de blote muren – op kindhoogte – staan  niet te tellen kunstwerkjes met viltstiften gekrabbeld.

 

Leen: “Dat zou thuis niet waar zijn, zeggen mensen dan.  Ze vinden dat ik meer  discipline aan de dag moet leggen, maar op dat vlak geniet ik met de kinderen  mee, van in het begin.  Ik wil niet eindigen als zovelen van wie de kinderen door  de grootouders of in de crèche worden grootgebracht en die dan later zeggen: Ik  geniet méér van mijn kleinkinderen.”

Leen bergt de schaar op waarmee ze net een doos opende.  “Als die seffens niet  weg is, zijn ze mekaars haar aan het knippen.  Daar zijn ze gek op.  En mama ziet  het toch niet.”

“Alles wat geruisloos is, doen ze graag.”  Was er bijvoorbeeld Bavo die terwijl  mama de groenten stond te wassen, doodstil op een krukje tot bij de chocolade  klom.

Mama kon geen schuldbekentenis losweken.  “Mondjes open!”, zei ik toen…  “Was  het lekker Bavo?”

Ze lacht: “De groteren zijn intussen al zo wijs dat ze hun adem inhouden.”

“Profiteren is gezond”, vindt ze.  “Maar ik hamer erop dat ze eerlijk zijn in wat  ze zeggen.  En heus waar, het zijn onderhand prachtkinderen op dat vlak.”

Al laat Leen geen kans onbenut om haar bengels er attent op te maken dat mama  hen in de gaten houdt.

Sofietje komt nogal eens in de verleiding om in plaats van te studeren stiekem  op haar kamer tv te kijken.

Leen: “Soms trek ik dan beneden de tv-antenne uit en meteen hoor ik dan  teleurgesteld gestamp op het plafond.”

Hen helpen bij hun huiswerk, lukt Leen niet.  “Op dat vlak moet ik van hen wel  een heel grote zelfstandigheid vragen.  Wat fout is, is fout.  Maar echte  problemen kwamen we totnogtoe gelukkig niet tegen.  Ze trekken dus duidelijk hun  plan wel.”

Haar kinderen hebben geleerd om voor mekaar op te komen.  “Als Wannes bij Sofie  een vlekje op het gezicht ziet, zal hij dat komen zeggen.  Als er iemand valt,  weten zij dat zij het kind gerust moeten stellen, en dat ze een pleistertje  moeten plakken als het bloedt.”

Bij het strijken valt het voor dat mama zich brandt.  “Als stromend koud water  dan niet helpt, pakken de kinderen een pleister en spelen zij voor mij  verpleegstertje.”

“Bij gevaarlijke situaties wordt er op zeker gespeeld.  Als er frietjes worden  gebakken, mag er geen kind in de keuken.  Op straat is er een ijzeren disicipline.”

“Aan de andere kant worden ze dan weer meer betutteld.  (Ze heeft de kleine Kobe  intussen slapend op haar schoot en geeft hem een zoen).  “Honderd keer per dag  wordt den deze geknuffeld.  Daar maak ik voor elk van hen iedere dag heel veel  tijd voor.”

Relativeren

Leen was tien jaar gedreven bezig met torbal.  Omwille van een ontwrichte  busverbinding met Hasselt intussen, hing zij de bal aan de haak.  Nu de jongste  telg naar school is, is ze aan pianoles begonnen.  “Om vooruit te komen en,  vooral, om enthousiast te blijven.  Ik zeg niet dat ik de steunpilaar ben van het  huishouden, maar als moeder moet je toch sterk staan.  Trouwens: Peter volgt veel  avondschool en gaat sporten.  En TV zegt me niks.  Met al die vreemde talen kan ik  trouwens toch niet alles volgen.”

 

Liefst van al zou ze lezen, “wat ik vroeger echt gepassioneerd heb gedaan en nu  het meeste mis.”

Het braillelezen gaat haar slecht af.  “Ik heb winterhanden, krijg ijskoude  vingertoppen en na een half uurtje is al het gevoel dan weg.”

Depressief zegt Leen nooit te zijn geweest.

“Soms ben ik het wel eens beu en voel ik de neiging depressief te worden.  Maar niet door het werk.  Integendeel.  Depressief word je wél als ze je van  buiten af laten voelen hoe beperkt je bent.  Je wil werken?  Kan niet.  Je wil  trouwen met een valide man?  Goed mevrouwtje, maar dan pakken we wel een serieuze  brok van je uitkering af.  Het ‘altijd hulp moeten inroepen’ van derden daar  bovenop.  En het ‘klem raken’ als je dat niét doet.  Het zijn die beperkingen die  soms zo verstikkend werken.”

 

Haar kinderen niet kunnen zien, hoe zwaar moet dat wel wegen?

Leen: “In het begin vreselijk.  Maar gaandeweg heb ik me erbij neergelegd.  Het heeft geen zin iets te willen wat je toch niet krijgen kan.  Ik vind het  erger voor een moeder die haar kinderen heeft gezien en dan blind wordt.”

 

“Weet je trouwens dat toen Kobe is gekomen, ik de enige was die wist dat de  jongen twee vergroeide teentjes had.  Niémand had gezien wat ik voelde.”

Ziende mensen gebruiken volgens Leen heel vaak hun ogen niet.

“De choco staat niet in de kast, riep Peter.  ‘Die staat er wel!’ Ik vind hem  toch niet!  Ik ging naar de kast en pakte, achter een doosje chocoladen korrels,  op zijn vaste plaats de chocopot.”

“Zo vaak maak ik de som.  Ik kan in en uit bed, ik kan mezelf wassen, ik kan de  godganse dag zoveel: wie ben ik om dan te klagen?  Er zijn zoveel mensen met veel  erger.”

“Ik heb ooit aan het WK torbal meegedaan.  We reisden met de bus naar Saint-Etienne.  Mensen met geamputeerde benen en armen, mannen en vrouwen met  spasmen, slechtzienden en blinden.  Iedereen miste wel wat.”

“Ik was content dat ik geen spasmen had, die met spasmen waren blij dat ze geen  ledematen moesten missen, en de geamputeerden prezen zich gelukkig dat ze niet  blind waren.  Iedereen was content: dat was een prachtige ervaring.”

(Pakt de kleine Kobe vast en geeft hem zo’n knuffel dat hij wakker schiet)

“Wij hebben het goed éh schatje.  We zijn gezond, wij hebben gezonde kindjes, dat  is het voornaamste!”

Kobe kronkelt zich dicht tegen mama aan.

Een paar kussen, nog maar eens.

Leens bruine ogen glanzen: “Als je zoiets hebt als dit, kan de hele wereld  ontploffen.  Dan heb je iets om door te gaan.”

Ghislain TRUYERS

Delen
Share on Facebook0Tweet about this on Twitter0Share on Google+0Share on LinkedIn0Email this to someonePrint this page

  1. Torbal, een sport die je zintuigen prikkelt06-12-2017 10:12:59
  2. Jelle Stuer – Torbal16-06-2017 08:06:30
  3. Zonnestraal speelt na 40 jaar op nieuwe matten24-02-2017 07:02:45
  4. Torbal: Waasland maakt favorietenrol waar in de beker van België13-01-2016 09:01:41
  5. Blinden en zienden spelen samen torbal in Runkst10-05-2015 09:05:43
  6. ViGe Waasland pakt Beker van België torbal07-01-2015 05:01:59
  7. Torbal – De Lommelse Torballers winnen Beker van België14-04-2014 12:04:05
  8. Torbalcup blijft muisstil13-11-2013 09:11:01
  9. “Er waren clubs uit heel Europa afgezakt”04-06-2013 06:06:24
  10. Torbalclub Waasland triomfeert op bekertoernooi Sint-Niklaas19-03-2012 07:03:40
  11. “Onze sport valt fysiek mee, maar je moet je intens concentreren”24-01-2012 07:01:58
  12. Blinden en slechtzienden strijden in Torbaltoernooi02-11-2011 06:11:50
  13. Pauline (83) speelt weer torbal06-06-2011 01:06:42
  14. Torbal is sport voor blinden en zienden met blinddoek06-06-2011 12:06:01
  15. Jelle Stuer aan de slag op WK in Innsbruck06-06-2011 12:06:09
  16. Pauline (80) speelt nog elke week torbal06-06-2011 12:06:28
  17. “Je moet de bal horen”06-06-2011 12:06:26
  18. Blinden gaan plat voor torbal06-06-2011 11:06:59
  19. Blinde speelster scoort op bowlingtoernooi06-06-2011 11:06:55
  20. Torbal gehoord?06-06-2011 11:06:55
  21. Jongeren spelen blindensport06-06-2011 11:06:23
  22. Internationaal torbaltornooi in Dommelhof06-06-2011 11:06:07
  23. De torbaluitslagen worden vergeten op Vlaamse televisie06-06-2011 08:06:07
  24. Sporttrofee voor judoclub Agglorex en VVG torbalteam06-06-2011 08:06:53
  25. Halle maakt kennis met torbal06-06-2011 08:06:40
  26. De leden van “Vi-Ge Noordzee” behaalden al medailles op de Paralympics, Europese en wereldkampioenschappen.06-06-2011 08:06:06
  27. “Altijd in dichtste mist op wacht”05-06-2011 11:06:08

Laatst bijgewerkt op 5 juni 2011 – 11:24