Strabisme of scheelzien

Bron: Tribune
Februari-maart 1998

Scheelzien, ook strabisme genoemd, is een van die afwijkingen die iedereen kent,  maar waar weinigen echt het fijne van weten.  Eind vorig jaar werd er in  Gent een studiedag aan gewijd.  Hieronder vind je een korte samenvatting  van wat daar gezegd is.  Voor de volledige tekst (in gewone druk) kun je  terecht bij de Documentatiedienst van BLL.  Heb je concrete vragen, loop  dan eens langs bij je oogarts.

Wat is strabisme?

Wie naar een voorwerp kijkt, houdt de gele vlek van beide ogen op dat voorwerp  gericht.  Van strabisme of scheelzien spreken we als dat bij één van je  ogen niet lukt.  Het kijkt dan in een schuine hoek, de zogenaamde “scheelzienshoek”.   Het goed werkende oog noemen we het fixerende, het andere het straberende oog.

Er zijn verschillende soorten strabisme.  Je behoort tot een bepaalde  categorie naargelang van de richting (meestal staat het oog naar binnen, maar  ook andere richtingen zijn mogelijk) en de mate van afwijking (die bij sommigen  kan evolueren).  Er zijn ook mensen bij wie beide ogen beurtelings  straberen.  Nog een andere mogelijkheid is dat je slechts bij tussenpozen  scheelziet.

Oorzaken

Strabisme kan voorkomen als kwaal op zich.  Maar het kan ook ontstaan als  gevolg van allerlei andere afwijkingen.  Soms is het te wijten aan een  aandoening van de uitwendige oogspieren die voor de oogbewegingen zorgen  (bijvoorbeeld door problemen met de schildklier).  Of het kan liggen aan  een aandoening van de zenuwen die de uitwendige oogspieren bezenuwen  (bijvoorbeeld een verlamming).  Nog een andere oorzaak zijn aandoeningen  die een ernstige vermindering van één oog met zich meebrengen (bijvoorbeeld een  litteken op het netvlies van één oog).  Hiermee hebben we slechts een deel  van de mogelijke oorzaken genoemd.

Controle

Om na te gaan of je aan strabisme lijdt en op welke manier, stelt de oogarts je  een aantal vragen en observeert hij je “kijkgedrag”.  Hij doet ook enkele  tests.  Met een lichtje schijnt hij naar je ogen om te zien of het  hoornvlies dat lichtpuntje recht of schuin weerkaatst.  De belangrijkste  test is de “afdektest”, waarbij de ogen volgens een bepaald systeem afwisselend  worden afgedekt.

 

Gevolgen

Strabisme kan leiden tot een zogenaamd “lui oog” (amblyopie).  Daar bestaan  behandelingen voor.  Het is erg belangrijk daar tijdig mee te beginnen.   Als een lui oog te laat ontdekt en behandeld wordt, vermindert de  gezichtsscherpte van dat in aanleg volwaardig oog, en dat is onomkeerbaar.   Zolang het fixerende oog goed ziet, heb je van die verminderde gezichtsscherpte  geen last.  Maar als het goede oog door ziekte of een ongeval minder begint  te zien, heb je geen “reserve-oog” meer om op terug te vallen.

 

Velen denken dat wie aan strabisme lijdt alles dubbel ziet.  Meestal is dat  echter niet zo.  Wie al voor zijn zevende jaar scheelziet, ontwikkelt  immers vanzelf technieken die opnieuw zorgen voor een vrij normaal beeld.   Wel is het dieptezicht verminderd.  Maar dat is in het dagelijks leven geen  probleem, want ook perspectief en schaduwen geven ons een idee van diepte.   Denk maar aan het tv-scherm, dat op zich ook geen diepte heeft.

Dubbelzien en dooreenlopende letters komen vooral voor bij mensen die soms wel,  soms niet scheelzien.  Die mensen krijgen ook andere problemen.  De  moeite die ze doen om de oogstand zo recht mogelijk te houden, kan aanleiding  geven tot hoofdpijn, abnormale vermoeidheid en druk op de ogen.  Omdat ze  niet altijd last hebben van hun kwaal, ontwikkelen ze minder gemakkelijk  aanpassingstechnieken.

Andere hinderlijke symptomen worden niet veroorzaakt door het scheelzien zelf  maar door de afwijking die aan de basis ligt van het scheelzien.  Een  voorbeeld: een kind dat verziend is en geen bril draagt, kan daardoor scheel  gaan zien en bovendien af en toe minder goed zien en hoofdpijn hebben.  De  conclusie zou dan ten onrechte kunnen zijn dat het kind slecht ziet en hoofdpijn  heeft als gevolg van het scheelzien.

Bij sommige vormen van scheelzien is de oogstand redelijk of goed als je in een  bepaalde richting kijkt.  Sommige kinderen nemen dan maar een abnormale  hoofdhouding aan.  Dat geeft praktische problemen (om het bord te zien moet  het kind bijvoorbeeld steeds aan dezelfde kant zitten).  Het is ook  esthetisch niet verantwoord.  Maar als er niets wordt gedaan aan de oorzaak  van zo’n houding, is het heel moeilijk om ze af te leren.

Behandeling van strabisme

Bij vele vormen van scheelzien vermindert het zicht in het wegdraaiende oog.   Het komt er dan in de eerste plaats op aan het zicht in beide ogen optimaal te  krijgen.

 

Eerst wordt onderzocht of een aangepaste bril kan helpen.  Daarna volgt de  zogenaamde “occlusie”: volgens een bepaald systeem wordt het oog (of afwisselend  beide ogen) afgedekt met een pleister.  Ook na een operatie is occlusie  noodzakelijk.

Hoe jonger met de occlusie gestart wordt, hoe groter de kans dat zowel het luie  oog als het zicht weer helemaal normaal worden.  Maar aan het scheelzien  zelf zal weinig veranderen.  Na de leeftijd van tien jaar valt ook geen  beter zicht van het luie oog meer te verwachten.

Er bestaan ook allerlei oefeningen om beter te leren kijken.  Maar die  hebben slechts een beperkt nut.  Bovendien zijn ze alleen zinvol in  combinatie met andere behandelingen.

Verder zijn er speciale hulpmiddelen.  In sommige gevallen worden prisma’s  gebruikt, in andere helpt een speciale bril.  Het nut daarvan moet echter  geval per geval worden onderzocht.

En oogdruppels?  Er bestaan twee soorten: “miotica” en “cycloplegica”.   Laatstgenoemde soort wordt soms gebruikt ter vervanging van occlusie.  Het  goede oog krijgt dan druppels zodat het op korte afstand niet meer scherp kan  zien.  Je gaat dat oog dan gebruiken om ver te kijken, het luie oog voor  kortbij.

Miotica hebben een andere werking.  Ze kunnen enkel nuttig zijn bij een  recent ontstane kleine scheelzienshoek of om na een operatie een kleine resthoek  bij te sturen.  Maar wegens de vele nevenwerkingen mag je miotica niet  langdurig gebruiken.

Operatie

Een strabisme-operatie heeft twee doelen: een functioneel en een esthetisch.   Functioneel is het de bedoeling de beelden van beide ogen te laten versmelten,  dubbel zicht op te lossen of een zo groot mogelijk veld van enkelzicht te  vormen.  Esthetisch wordt onder meer gestreefd naar een min of meer rechte  stand van de ogen bij het recht vooruit kijken.

 

Vooraleer een operatie kan worden uitgevoerd, moet het luie oog behandeld  worden.  Je moet (indien nodig) ook al een aangepaste bril hebben gekregen.

Recent ontstaan strabisme wordt vlugger geopereerd omdat de kans op versmelting  van de beelden groter is.  Oogspieren en mechanische problemen worden pas  geopereerd na zes maanden stabilisatie.

Chirurgie op maat bestaat niet.  Er zijn wel algemene richtlijnen, maar  iedere oogarts bepaalt op basis van zijn ervaring de hoeveelheid chirurgie.   Er zijn ook onvoorspelbare factoren die het resultaat mee kunnen bepalen, zoals  de spierelasticiteit en de vorming van littekenweefsel.

Ongeveer zeven personen op tien hebben voldoende aan één operatie.  Bij  onvoldoende resultaat of overcorrectie is een nieuwe ingreep steeds mogelijk.   Het beste tijdstip daarvoor varieert.

Tot slot nog twee belangrijke opmerkingen.  Van een strabisme-operatie kun  je niet blind worden.  En ook op volwassen leeftijd kun je zo’n operatie  laten uitvoeren.

Dit artikel is gebaseerd op teksten van de orthoptisten Nancy La Grange, Ann  Deckx, Mirjam van Lammeren en Daisy Godts en van oogarts Lieve Van Eeckhoutte.

Samenvatting: Jan Dewitte

Delen
Share on Facebook0Tweet about this on Twitter0Share on Google+0Share on LinkedIn0Email this to someonePrint this page

  1. Scheelzien bij kinderen, hoe pak je het aan?17-11-2018 08:11:32
  2. Innovatieprijs voor methode van 50 jaar oud09-06-2018 06:06:58
  3. Esotropie: Binnenwaarts scheelzien met afwijkende oogstand28-12-2017 11:12:45
  4. Exotropie: Buitenwaarts scheelzien met afwijkende oogstand19-09-2017 12:09:04
  5. Westfriesgasthuis ontvangt certificaat voor behandeling scheelzien16-06-2017 04:06:35
  6. Kun je scheel worden van scheel kijken?24-09-2015 10:09:13
  7. Ik zie de 3D-foto’s niet24-09-2015 10:09:07
  8. “Ik krijg hoofdpijn van 3D”24-09-2015 10:09:01
  9. ‘Kijken naar 3D kan uw gezondheid schaden’24-09-2015 10:09:49
  10. Die ogen bepaalden mijn leven”24-09-2015 10:09:42
  11. 3D-films doen echt pijn aan de ogen24-09-2015 10:09:33
  12. Scheel kijken kun je afleren24-09-2015 10:09:26
  13. Woordenboek strabisme24-09-2015 10:09:18
  14. Botox bij oogaandoeningen17-08-2015 11:08:56
  15. Scheelzien (strabismus): De operatie18-07-2015 10:07:15
  16. Een nieuw alternatief? Geïmplanteerde contactlens nog steeds omstreden05-06-2011 06:06:44
  17. Strabisme of scheelzien27-05-2011 06:05:48
  18. Scheelheid is niet altijd even herkenbaar27-05-2011 05:05:46
  19. Heeft een scheeloperatie eigenlijk wel zin?27-05-2011 03:05:07
  20. Het scheelzien bij kleine kinderen serieus nemen27-05-2011 03:05:43
  21. Met uw kind bij de oogarts27-05-2011 03:05:13
  22. Scheelkijken bij kinderen27-05-2011 02:05:09
  23. Scheeloperaties met succes ambulant uitvoeren27-05-2011 02:05:51
  24. Scheelzien heeft veel oorzaken27-05-2011 02:05:30

Laatst bijgewerkt op 27 mei 2011 – 18:00