De dichter als eeuwige beginner

Bron: De Tijd
8 mei 2004

POEZIE

Collected Poems

Paul Auster 2004, Woodstock/New York, The Overlook Press, 205 blz., 24,95  dollar, ISBN 15-856-7404-4

De Amerikaanse auteur Paul Auster is bij ons vooral bekend als prozaschrijver.   Voor hij echter met de romancyclus ‘The New York Trilogy’ literaire wereldfaam  vergaarde, publiceerde Auster al tien jaar poëzie.  Onlangs verscheen een  compilatie met het verzamelde dichtwerk uit die periode en enkele van Austers  prille vertalingen van Franse dichters zoals Bréton en Éluard.  ‘Collected  Poems’ biedt niet alleen een uitstekend beeld van de kunstenaar als jongeman, de  bundel toont ook aan dat Auster zijn oorspronkelijke dichterlijke thema’s nooit  uit het oog heeft verloren in zijn latere romans.

Paul Auster moet zowat el simpático zijn van de Amerikaanse letteren.  Zijn  collega-Newyorker Don De Lillo droeg zijn jongste roman, ‘Cosmopolis’, op aan  Auster en op de achter- en binnenflap van ‘Collected Poems’ verdringt het kruim  van de hedendaagse Amerikaanse poëzie elkaar om deze ‘trapezeartiest van de  taal’ de hemel in te prijzen.  Charles Bernstein, Robert Creeley, John  Ashbery, allen haasten ze zich om de dichter Auster aan de borst te drukken in  een zeldzaam gebaar van unanimiteit, dat hun doorgaans felle, onderlinge  poëziepolemieken overstijgt.

Braille

De gedichten uit ‘Collected Poems’ dateren uit de periode 1970-1979 en  dragen dan ook het stempel van een door en door Amerikaanse poëzietraditie.   Ze roepen de geest op van Emily Dickinson, George Oppen en Charles Olson.   Wat Auster vooral met de laatste gemeen heeft, is een ars poetica van  directheid, een verlangen om de dingen voor zichzelf te laten spreken.  Als  dichter is Auster wat dat betreft het tegenovergestelde van wat hij in de  essaybundel ‘The Art of Hunger’ omschreef als een ‘dichter van het oog’, voor  wie de werkelijkheid enkel zin krijgt door ernaar te kijken.  In ‘Collected  Poems’ betwist Auster die visuele benadering door te stellen dat de ogen zijn  ‘opgesloten / in hun gewoontes’ en dat er geen waarheid schuilt in ‘de plaats /  waar het oog op een verschrikkelijke manier / standhoudt.’ Tegenover ‘de last /  van het oog’ plaatst Auster het inzicht dat de werkelijkheid in essentie een  talige aangelegenheid is en dat we haar veeleer moeten lezen dan ernaar te  kijken.

 

Het idee van de werkelijkheid als taal of tekst zal Auster-fans vertrouwd in de  oren klinken, want het is ook de onderliggende (postmoderne) filosofie van zijn  romans, waarin Auster onder meer zichzelf als romanpersonage opvoert.

In de gedichten uit ‘Collected Poems’ verschijnt die taligheid van de  werkelijkheid in de eerste plaats als een tactiele aangelegenheid.  Dat  idee toont zich vooral in gedicht ‘Braille’, waar Auster expliciet de  ‘leesbaarheid van de aarde’ thematiseert.  Net zoals de blinde zijn  braillelectuur letterlijk ‘voelt’, zo wil ook het lyrische ik naar de wereld  kijken door haar te voelen in plaats van er afstandelijk een blik op te werpen.   Dat verlangen naar een directe, tactiele ervaring van de werkelijkheid botst  echter onvermijdelijk met de rationele zijde van de dichter, die wil vasthouden  aan een klassieke visuele benadering.  Het is die gespleten persoonlijkheid  waarover het lyrische ik spreekt in de voorlaatste stanza van het gedicht: ‘En  je wist toen / dat er twee van ons waren; je wist / dat ik uit al dit vlees van  lucht / de plaats gevonden had / waar één woord / in het wild groeide.’ Het  wildgroeiende woord behoort precies tot de brailletekst van de wereld, die zich  echter niet overgeeft aan onze kijkende blik, en die Auster daarom in een eerder  gedicht omschrijft als ‘de stem die je verkwanselde.’

Merleau-Ponty

Behalve de invloed van de dichter Charles Olson zien we in Austers  dichterlijke pleidooi voor een recuperatie van een tactiele  werkelijkheidsverhouding ook ontegensprekelijk de invloed van de filosoof  Merleau-Ponty.  Auster maakte zich vertrouwd met de theorieën van die  Franse fenomenoloog tijdens zijn studietijd op Columbia University en hij  verwijst vaak naar hem in zijn non-fictie werk.  Merleau-Ponty betoogt dat  we met de opkomst van de positivistische wetenschappen een soort authentieke  verhouding tot de wereld zijn kwijtgeraakt.  In tegenstelling tot de  positieve wetenschappen die de fenomenen van de werkelijkheid voor eens en voor  altijd in universeel geldende natuurwetten willen gieten, stelt Merleau-Ponty  dat we ons moeten concentreren op de wijze waarin de fenomenen aan ons  verschijnen, een taak die, aldus het fenomenologische credo, steeds opnieuw  begonnen moet worden.  Dat idee van een eindeloze taak loopt als een rode  draad door Austers gedichten.  Zo stelt hij in het erg programmatisch  getinte gedicht ‘Disappearances’: ‘Daarom begint hij opnieuw, / en op elk moment  begint hij te ademen / hij voelt dat er nooit een andere / tijd bestaan heeft – alsof hij voor de eerste maal dat hij leefde / zichzelf zou kunnen vinden // in  elk ding dat hij niet is.’

 

Natuurlijke evolutie

Als hij de dingen rondom zich in hun eigen licht wil laten stralen, dan moet  de dichter inderdaad telkens opnieuw een nieuw begin maken met de werkelijkheid,  een procédé dat ook van toepassing lijkt op Austers eigen ontwikkeling als  schrijver.  Hoewel hij herhaaldelijk heeft beweerd dat er tussen fictie en  poëzie een essentieel verschil van ‘bereik’ bestaat, stelde hij in een interview  uit 1987: ‘Ik denk niet over mezelf als iemand die gebroken heeft met poëzie.   Al mijn werk is één stuk, en de ontwikkeling naar proza was de laatste stap in  een trage en natuurlijke evolutie.’ Ook in die zin is Auster een eeuwige  beginner, die met elke roman terugkeert naar zijn oorspronkelijke dichterlijke  roeping.

 

Birger VANWESENBEECK
Marc HOLTHOF

Delen
Share on Facebook0Tweet about this on Twitter0Share on Google+0Share on LinkedIn0Email this to someonePrint this page

  1. Slechtziende Kathleen Dierckens geeft eerste gedichtenbundel uit11-04-2019 06:04:27
  2. Foto- en gedichtenboek “Zielenroerselen en hersenspinsels in beeld”17-02-2017 10:02:12
  3. Uitgave dichtbundel ‘Mijn Alter Ego’19-09-2015 10:09:32
  4. Op 29 januari 2015 was het #gedichtendag!31-01-2015 09:01:06
  5. Zien der Ogen poëzieproject10-03-2014 08:03:10
  6. Gedicht “De cirkel van drie meter”03-02-2014 01:02:12
  7. “Obstakels op z’n pad”20-12-2013 04:12:07
  8. Dichter schrijft Turnhouts luistersprookje08-11-2013 07:11:07
  9. Alle gedichten24-01-2013 09:01:48
  10. Door de oren zien: gedichten van blinde en slechtziende dichters24-01-2013 04:01:22
  11. Door de oren zien. Gedichten van blinde en slechtziende dichters23-01-2013 08:01:59
  12. Gratis gedichtenbundel e-book04-11-2012 05:11:20
  13. Dichtbundel Nettie Beukema ook in braille26-03-2012 06:03:19
  14. De woorden hebben zoveel pretentie07-06-2011 09:06:36
  15. Blinde dichter Marc van Caelenberg wint L.P. Boonprijs07-06-2011 08:06:42
  16. Dichtbundel voor blinden en slechtzienden07-06-2011 06:06:04
  17. De dichter als eeuwige beginner07-06-2011 06:06:13
  18. “Ik denk dat ik de liefde versta”07-06-2011 06:06:39
  19. Dichter en meesterprovocateur Marcel van Maele overleden05-06-2011 01:06:25

Laatst bijgewerkt op 7 juni 2011 – 06:31